Pothoofdsluisje

Voorstel voor het zichtbaar maken van het oude sluisje in het Sluiskwartier.

In het Sluiskwartier hebben verschillende sluizen gelegen. Een daarvan was de Pothoofdsluis, die hier een eeuw lang lag, van 1853 tot 1953, tussen de Buitengracht en de Oude Haven. Hij vervulde een voorname rol in het stelsel van waterwegen aan de oostzijde van de stad. 

In de middeleeuwen was de Schipbeek een belangrijke aanvoerroute voor Deventer. Hierlangs kwamen de goederen uit het oosten, waaronder hout, de stad binnen. Daar waar de beek uitmondde in de IJssel, lag de haven. Maar het water kreeg nóg een vitale functie voor de stad, namelijk de gracht te voeden die om de stadsmuur heen liep. En dat vergde extra maatregelen. Een sluis tussen de Schipbeek en de haven zorgde ervoor dat het water van de Schipbeek ook aan de noordzijde van de stad door de gracht stroomde en niet via de haven rechtstreeks in de IJssel terecht kwam. Ook de Buitengracht, die deel uitmaakte van de latere vestingwerken (1597-1621), werd via een kanaaltje gevoed door de Schipbeek. Tussen de Buitengracht en de haven werd een dam gebouwd om het water in de gewenste richting te sturen. 

Voor de scheepvaart was het sinds de opening van het Overijssels kanaal in 1858 van belang dat de dam tussen de Buitengracht en de haven verdween. Op deze manier konden de grotere schepen via de Buitengracht de haven bereiken en niet meer via de 4,5 m nauwe doorgang naar de Vetkolk. Om het niveauverschil tussen kanaal en haven te overbruggen werd tussen de haven en de Buitengracht een schutsluis aangelegd. 

Overzichtskaart van de Deventer Brugcommissie uit 1927. Hierop is de Nieuwe Haven al te zien. 

Deze sluis werd ook wel de Pothoofdsluis genoemd en is tot 1951 in gebruik gebleven. De sluis lag ongeveer ter hoogte van de huidige parkeerplaatsen achter de stadsbrouwerij DAVO. In het rapport van Bureau Bouwwerk over het sluiskwartier wordt een beschrijving van de sluis gegeven; “De sluis was traditioneel van opzet met een schutkolk tussen twee van baksteen gemetselde sluishoofden, elk met dubbele houten sluisdeuren. Het sluishoofd aan de zijde van de Sluiskolk was hoger opgemetseld dan die aan de havenzijde en opgenomen in een dijkje dat waarschijnlijk een waterkerende functie had bij extreem hoge IJsselstanden. Aan de zijde van de kolk werd de sluisopening geflankeerd door twee gemetselde stenen trappen. De binnenzijde heeft maar één stenen trap aan de noordoostzijde. De sluiskolk zelf was bekleed met los gestapelde basaltblokken. Op regelmatige afstanden stonden tegen de basaltbekleding houten palen die moesten voorkomen dat de geschutte schepen beschadigd raakten. 

Foto 1 en 2  De sluiskolk met taluds bekleed met bazaltblokken en palen ter bescherming van de schepen

 

  Foto 3. Sluiskolk zonder trapjes                                                Foto 4  met trapjes en aansluitend dijkje 

Argumenten om sluisje weer in beeld te brengen.

Het sluisje is de reden voor de naam van dit deel van de stad.

In het recente plan van de gemeente wordt er op de huidige locatie niet gebouwd waardoor er een mooie kans is om het sluisje weer terug te brengen in het straatbeeld.

Het sluisje is een belangrijk element in de geschiedenis van het waterbeheer de scheepvaart en de economische ontwikkeling van Deventer.  Het sluisje  vormde vanuit de  IJssel en  de oude gedempte haven de toegang tot de Overijsselse kanalen die ook behoren tot het watererfgoed. 

Het sluisje is  volgens de  Stichting Historische sluizen en stuwen (HSSN) met zijn  taluds,  die  bekleed  zijn met basaltblokken  een bijzondere constructie waar nog maar weinig voorbeelden van bewaard zijn gebleven. Ook zij onderschrijven het belang van het sluisje  voor het vertellen van de geschiedenis van het waterbeheer.

Huidige situatie

Van het sluisje zijn nog delen van het inmiddels vermolmde remmingwerk aanwezig Daarnaast is er nog een van de  gemetselde stenen trapjes (links naast het bovenhoofd) behouden . Vast aan het trapje zit in de gemetselde deksloof een schotbalk sponning. Ook is er een stuk handrail terug gevonden. De rest  aan Buitengrachtzijde is overgroeid door struikgewas. De volle lengte over de kolk is bestraat of met beton afgedekt.  Wat er precies begraven is van de sluis is onbekend.

Visie van SIED, SOD en Heemschut voor de toekomst

Beeld vanaf de Raambrug ( Zie ook foto 4)

In de huidige situatie is het beeld vanaf de in oude glorie herstelde Raambrug in de  richting  van  de locatie van het sluisje nog redelijk intact.
Een van de stenen trappen is nog aanwezig ( en daarmee de locatie van  de sluiskolk en de het  aansluitende oude dijkje) Daarnaast  zijn er nog delen van het oude remmingwerk aanwezig (dukdalven). 
Dit beeld moet hersteld worden. Dit houdt in dat in ieder geval het bestaande stenen trapje behouden  blijft en er aan de  andere zijde een nieuwe wordt gemaakt. Daarnaast moet weer een gemetseld sluishoofd komen ( eigenlijk twee stukjes kade muur).
Het is natuurlijk niet zo dat de sluis weer een echte functie krijgt. De constructie van de kademuren kan daarom licht zijn.
Tussen de kademuren kan wel het beeld van gesloten houten sluisdeuren in het water worden gemaakt.
Voor de rest moeten er nieuwe dukdalven worden geplaatst.

De sluiskolk

Voor de sluiskolk zijn natuurlijk verschillende varianten mogelijkheden. Wat haalbaar is hangt natuurlijk af wat nog van de oude sluis in de ondergrond aanwezig is. Archeologie Deventer geeft aan dat het technisch mogelijk om dit met een proefsleuf in beeld te brengen Wel moet daarvoor eerst de bestrating worden opgebroken en de betonvloer worden weggehaald. 

Mogelijkheid 1
Eerder heeft de SOD heeft hierover  contact gezocht met de Stichting Historische Sluizen en Stuwen en deze laatste heeft advies gevraagd aan Tauw. Het bureau stelt voor de contourlijnen van de sluis met bakstenen in het straatbeeld van de parkeergelegenheid vast te leggen en/of met een glazen wand waarin het beeld van de sluis is geëtst.

Mogelijkheid 2.
De “bovenkant” van de sluiskolk zou weer als een ondiepe vijver of als wadi voor de opvang van regenwater met de oevers van basaltblokken  kunnen terugkomen.

Mogelijkheid 3
Afhankelijk van wat er nog in de ondergrond aanwezig is kan het sluishoofd, met de houten deuren en de sluiskolk aan de zijde van de singelwaterzijde in verdere mate  gereconstrueerd worden.